Ga naar de inhoud

Microsoft 365 en Copilot: nieuwe features in juni 2026

Microsoft zet deze maand vooral in op Copilot-agents, betere koppelingen met externe systemen en praktische verbeteringen in SharePoint en Teams. Veel updates zitten nog in de roadmapfase, maar de richting is duidelijk: Copilot wordt minder een losse chatfunctie en steeds meer een laag bovenop je dagelijkse werkprocessen.

In dit overzicht licht ik de belangrijkste updates toe. Niet alleen wat Microsoft aankondigt, maar vooral wat je er als organisatie straks mee kunt.

Wil je meer van dit soort updates, maar dan in een wat lossere vorm? Volg dan onze podcast Apple’tje Eitje 365 op YouTube. Daar praten we verder over Microsoft 365, Copilot en alles wat daar in de praktijk bij komt kijken.

1. Work IQ APIs: betalen naar gebruik

Wat is het?

Microsoft introduceert een pay-as-you-go-model voor de Work IQ APIs. Organisaties en ontwikkelaars betalen dan op basis van werkelijk gebruik, in plaats van vooraf Copilot-licenties toe te wijzen aan iedere gebruiker.

Hoe werkt het?

Ontwikkelaars kunnen Copilot-agents en Copilot-functionaliteit via API-aanroepen gebruiken in eigen applicaties, portalen of workflows. Het gebruik wordt per aanvraag gemeten. Denk aan welke agent is aangeroepen, welk model is gebruikt en hoeveel verwerking daarvoor nodig was.

Dat maakt het model vooral interessant voor scenario’s waarin Copilot-functionaliteit niet continu wordt gebruikt. Bijvoorbeeld een intern portaal waar medewerkers af en toe een klantdossier laten samenvatten, of een proces waarbij alleen tijdens piekmomenten AI-ondersteuning nodig is.

Het voordeel is dat je niet direct een grote licentie-investering hoeft te doen voordat je weet hoeveel waarde zo’n toepassing oplevert.

Waarom is dit interessant?

Voor pilots en specifieke bedrijfsprocessen wordt de drempel lager. Je kunt eerst meten of een agent echt gebruikt wordt en pas daarna bepalen of bredere licenties logisch zijn.

Let wel op governance. Pay-as-you-go klinkt eenvoudig, maar je wilt vooraf weten wie agents mag aanroepen, welke data ze gebruiken en hoe je kosten bewaakt.

Praktijkvoorbeeld

Een adviesbureau heeft een intern klantportaal. Medewerkers gebruiken dat portaal niet de hele dag, maar willen bij klantvragen wel snel een samenvatting van dossiers kunnen opvragen. Met pay-as-you-go betaalt het bureau alleen wanneer iemand de Copilot-agent vanuit het portaal gebruikt. De businesscase wordt daardoor een stuk concreter.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 559017

2. Work IQ APIs: REST, MCP en A2A

Keuzediagram voor API REST, A2A en MCP als drie verbindingsmethoden naar de Work IQ-laag

Wat is het?

De Work IQ API-suite krijgt meerdere manieren om applicaties, externe tools en agents aan Microsoft 365 Copilot te koppelen. Microsoft noemt daarbij drie richtingen: een uniform REST-endpoint, ondersteuning voor externe MCP-servers en A2A, oftewel Agent-to-Agent.

Hoe werkt het?

Het uniforme REST-endpoint moet één centrale ingang worden voor agent- en workflow-aanroepen. Dat is vooral prettig voor ontwikkelaars, omdat je niet voor elke Copilot-functionaliteit met een ander endpoint hoeft te werken.

Met Remote MCP Server Support kunnen agents communiceren met MCP-servers buiten Microsoft 365. Zo’n server kan bijvoorbeeld draaien in een andere cloud, bij een leverancier of op een eigen platform. Work IQ fungeert dan als toegangspoort en beveiligingslaag.

A2A maakt het mogelijk om declarative agents programmatisch aan te roepen. Denk aan een HR-agent, juridische agent of klantenservice-agent die vanuit een andere applicatie wordt gebruikt. Een bovenliggend proces kan dan de juiste agent aanroepen voor een specifiek onderdeel van het werk.

Waarom is dit interessant?

Dit is vooral relevant voor organisaties die Copilot niet alleen als chat willen gebruiken, maar willen opnemen in hun eigen processen. Je kunt bestaande systemen, eigen agents en Microsoft 365-context dichter bij elkaar brengen.

De techniek is interessant, maar de echte vraag blijft: welke processen zijn belangrijk genoeg om hiermee te automatiseren? Begin daar, niet bij de API.

Praktijkvoorbeeld

Een verzekeraar bouwt een platform voor schadeclaims. Het platform roept via REST een declarative agent aan die polisvoorwaarden controleert. Tegelijk haalt een MCP-tool externe fraudedata op. Het resultaat komt terug in het schadeclaimportaal, waar een medewerker de beoordeling kan controleren.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 559021 Microsoft 365 Roadmap, ID 559020 Microsoft 365 Roadmap, ID 559019

3. Suggested edits in Copilot Pages

Copilot Pages met Suggested edits in Microsoft 365 Copilot

Wat is het?

Copilot kan bewerkingssuggesties geven voor tekst op je Copilot Page. Daarmee krijg je hulp bij structuur, leesbaarheid en formulering zonder dat je de tekst eerst naar een ander programma hoeft te kopiëren.

Hoe werkt het?

In een Copilot Page kun je via het Copilot Shortcuts-menu de optie Suggested edits gebruiken. Copilot bekijkt de inhoud van de pagina en stelt verbeteringen voor. Dat kan gaan om kortere zinnen, betere volgorde, duidelijkere formuleringen of een tekst die beter past bij het doel.

Het lijkt een beetje op revisies in Word, maar dan meer gericht op de boodschap en context van de pagina.

Waarom is dit interessant?

Veel mensen schrijven dagelijks interne berichten, projectupdates en korte beleidsstukken. Niet iedereen vindt schrijven makkelijk. Als Copilot helpt om die teksten helderder te maken, kan dat veel kleine communicatiefouten voorkomen.

Mijn advies: gebruik dit vooral als redactiehulp, niet als automatische schrijver. De inhoud moet nog steeds van jou of je team komen.

Praktijkvoorbeeld

Een HR-manager schrijft een update over het vakantiebeleid. Copilot geeft aan dat een alinea verwarrend is en stelt een eenvoudiger versie voor. De manager past de tekst aan en voorkomt daarmee vragen achteraf.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 562351

4. MCP-tools in Copilot Studio agent workflows

Wat is het?

Copilot Studio ondersteunt MCP-tools in agent workflows. MCP staat voor Model Context Protocol en is bedoeld om externe tools en databronnen op een gestandaardiseerde manier aan AI-agents te koppelen.

Hoe werkt het?

In Copilot Studio kun je MCP-compatibele tools toevoegen aan een agent. Die agent kan dan niet alleen Microsoft 365-bronnen gebruiken, maar ook systemen buiten Microsoft 365 aanspreken. Denk aan een ERP-systeem, kennisbank, ticketsysteem of eigen applicatie.

Het voordeel van zo’n protocol is hergebruik. Als een MCP-tool goed is ingericht, kun je die in meerdere agents gebruiken zonder telkens dezelfde integratie opnieuw te bouwen.

Waarom is dit interessant?

Voor organisaties met veel maatwerkapplicaties kan dit een praktische stap zijn. Je hoeft niet alles naar Microsoft 365 te verplaatsen om het bruikbaar te maken voor een agent.

Wel blijft security belangrijk. Een agent die externe systemen kan aanroepen, moet netjes omgaan met rechten, logging en dataminimalisatie.

Praktijkvoorbeeld

Een productiebedrijf heeft een eigen ERP-systeem. Via een MCP-tool kan een Copilot Studio-agent voorraadstatussen opvragen en interne orders starten. Dezelfde tool kan later ook door een tweede agent worden gebruikt voor klantenservicevragen.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 562221

5. Dynamic Tool Discovery voor declarative agents

Wat is het?

Declarative agents kunnen automatisch nieuwe of aangepaste tools ontdekken op gekoppelde MCP-servers. De agent hoeft daardoor niet telkens opnieuw gepubliceerd te worden bij een wijziging.

Hoe werkt het?

Nu moet een agent vaak opnieuw worden gepubliceerd wanneer de onderliggende toolset verandert. Met Dynamic Tool Discovery haalt de agent zelf de actuele lijst met beschikbare tools op bij de MCP-server.

Voeg je een nieuwe tool toe, dan wordt die beschikbaar. Haal je een verouderde tool weg, dan verdwijnt die ook uit de mogelijkheden van de agent.

Waarom is dit interessant?

Dit maakt beheer een stuk praktischer. Zeker in omgevingen waar tools regelmatig veranderen, wil je niet voor iedere kleine wijziging een publicatieproces doorlopen.

Het betekent ook dat beheerafspraken belangrijker worden. Als tools automatisch zichtbaar worden, moet duidelijk zijn wie ze mag toevoegen, testen en vrijgeven.

Praktijkvoorbeeld

Een juridische afdeling gebruikt een agent voor wet- en regelgeving. Er worden regelmatig nieuwe bronnen toegevoegd aan de MCP-server. Door Dynamic Tool Discovery hoeft IT de agent niet elke keer opnieuw te publiceren. Juristen zien nieuwe bronnen sneller terug in hun werkproces.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 561855

6. Scoped Search voor SharePoint in Teams

Wat is het?

Wanneer je zoekt vanuit de SharePoint-app in Teams, via Viva Connections, worden zoekresultaten automatisch gericht op SharePoint-inhoud.

Hoe werkt het?

Gebruik je de SharePoint-app in Teams en start je daar een zoekopdracht, dan zoekt Microsoft niet breed door alle Teams-content heen. De zoekopdracht wordt gericht op SharePoint Global Search. Je krijgt dus resultaten zoals pagina’s, nieuwsberichten, documenten en sites.

Na Enter word je doorgestuurd naar de volledige SharePoint-zoekpagina, waar je verder kunt filteren.

Waarom is dit interessant?

Veel organisaties proberen Teams als centrale ingang voor werk te gebruiken. Dan is het irritant als zoeken te veel ruis oplevert. Deze wijziging helpt gebruikers sneller bij de juiste SharePoint-content te komen.

Voor intranet- en communicatieteams is dit vooral relevant. Goede metadata, duidelijke paginatitels en actuele content worden hierdoor nog belangrijker.

Praktijkvoorbeeld

Een communicatiemedewerker zoekt vanuit Teams naar het laatste intranetbericht over parkeerregels. De zoekresultaten zijn meteen SharePoint-resultaten, zonder chatberichten of agenda-items ertussen. Dat scheelt klikken en frustratie.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 562015

7. SharePoint-lijsten als kennisbron in Agent Builder

Agent Builder in Microsoft 365 Copilot

Wat is het?

Agent Builder kan SharePoint-lijsten gebruiken als kennisbron voor Copilot-agents. Gebruikers kunnen daarna in gewone taal vragen stellen over de gegevens in zo’n lijst.

Hoe werkt het?

Bij het maken van een agent kun je een SharePoint-lijst selecteren als bron. De agent gebruikt de kolommen en waarden in die lijst om antwoorden te geven.

Denk aan lijsten met bedrijfsmiddelen, projecten, FAQ’s, producten, contracten of klantgegevens. Voor deze release kan een agent aan één SharePoint-lijst worden gekoppeld.

Waarom is dit interessant?

SharePoint-lijsten worden in veel organisaties gebruikt als kleine applicaties. Ze bevatten vaak nuttige informatie, maar gebruikers moeten meestal weten waar ze moeten klikken en hoe de lijst is opgebouwd.

Een agent kan die drempel verlagen. Gebruikers vragen gewoon: “Welke laptop is beschikbaar?” of “Welke projecten lopen deze maand af?”

Praktijkvoorbeeld

Een facilitair team beheert alle bedrijfsmiddelen in een SharePoint-lijst. Met Agent Builder maken ze een agent die vragen over beschikbare laptops, auto’s en gereedschap beantwoordt. Medewerkers hoeven de lijst niet meer zelf door te zoeken.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 561920

8. Audio summaries van SharePoint News in Teams

Wat is het?

Gebruikers kunnen via de SharePoint-app in Teams een AI-samenvatting beluisteren van SharePoint-nieuwsberichten.

Hoe werkt het?

Wanneer iemand een nieuwsbericht opent via Viva Connections in Teams, kan er een audiosamenvatting beschikbaar zijn. Copilot vat het nieuwsbericht samen en leest de kernpunten voor.

Dat is iets anders dan een volledige voorleesfunctie. Het gaat niet om het hele artikel, maar om de belangrijkste punten.

Waarom is dit interessant?

Niet iedereen leest intranetnieuws op hetzelfde moment of op dezelfde manier. Voor medewerkers onderweg of medewerkers die vooral mobiel werken, kan audio net het verschil maken.

De kwaliteit van het oorspronkelijke nieuwsbericht blijft wel belangrijk. Een rommelig artikel levert ook een rommelige samenvatting op. Great Scott, ook AI heeft goede input nodig.

Praktijkvoorbeeld

Een logistiek bedrijf publiceert een nieuwsbericht over nieuwe veiligheidsregels. Chauffeurs kunnen de samenvatting onderweg beluisteren via Teams op hun telefoon. De boodschap komt sneller aan bij mensen die niet achter een laptop zitten.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 562018

9. Vision in Microsoft 365 Copilot

Wat is het?

Microsoft 365 Copilot kan visuele input analyseren, bijvoorbeeld via een gedeeld desktopscherm of via de camera op een mobiel apparaat.

Hoe werkt het?

Op de desktop kun je je scherm delen met Copilot. Copilot kan dan vragen beantwoorden over wat zichtbaar is, zoals een grafiek, document, dashboard of applicatiescherm.

Op mobiel kun je de camera gebruiken. Je richt de camera op een document, product, scherm of situatie en stelt daar een vraag over.

Waarom is dit interessant?

Veel werk zit niet netjes in tekst. Denk aan grafieken, screenshots, foutmeldingen, dashboards en foto’s van documenten. Als Copilot daar direct over kan redeneren, wordt het gebruik veel natuurlijker.

Voor organisaties is dit wel een onderwerp om goed naar beleid te kijken. Wat mag je wel en niet delen met Copilot? En hoe voorkom je dat gevoelige informatie per ongeluk in beeld komt?

Praktijkvoorbeeld

Een accountmanager staat bij een klant en ziet een product in een catalogus. Ze richt haar telefoon erop en vraagt Copilot of dit product in het eigen assortiment zit en wat de marge is. Copilot gebruikt de visuele input en de beschikbare bedrijfsdata om een antwoord te geven.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 561037

10. SharePoint thumbnail previews in Teams

Wat is het?

Wanneer je een SharePoint-paginalink deelt in Teams, kan Teams automatisch een rijkere preview tonen met afbeelding, titel en beschrijving.

Hoe werkt het?

Plak je een SharePoint-pagina in een Teams-chat of kanaal, dan wordt de link automatisch omgezet naar een kaart. Die kaart gebruikt metadata van de pagina, zoals titel, beschrijving en thumbnail.

Dat werkt vooral goed als de SharePoint-pagina zelf netjes is ingericht met een duidelijke titel, goede afbeelding en beschrijving.

Waarom is dit interessant?

Een kale link wordt makkelijk genegeerd. Een goede preview helpt collega’s sneller te zien waarom een pagina relevant is.

Voor intranetbeheerders is dit een extra reden om paginametadata serieus te nemen. Niet alleen voor zoeken, maar ook voor delen in Teams.

Praktijkvoorbeeld

Een marketingteam deelt campagnepagina’s via Teams. Voorheen stond er vooral een lange URL. Nu verschijnt er een duidelijke preview met afbeelding en beschrijving. Collega’s klikken sneller door en geven eerder feedback.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 561321

11. SharePoint Authoritative Sites

Wat is het?

Beheerders kunnen SharePoint-sites markeren als authoritative. Daarmee geef je aan dat een site een officiële bron is voor bepaalde informatie.

Hoe werkt het?

Een SharePoint-beheerder kan bijvoorbeeld de centrale HR-site, juridische site of IT-securitysite aanwijzen als betrouwbare bron. Content van zo’n site krijgt meer gewicht in zoekresultaten en in antwoorden van Copilot Chat.

Dat is vooral nuttig als er meerdere plekken zijn waar vergelijkbare informatie staat. Denk aan oud beleid op afdelingssites naast het actuele beleid op de centrale HR-site.

Waarom is dit interessant?

Copilot is zo goed als de bronnen die het gebruikt. Als je omgeving vol dubbele of verouderde documenten staat, kan Copilot ook verkeerde of verouderde antwoorden geven.

Authoritative Sites helpen om gebruikers en Copilot naar de juiste bron te sturen. Het is geen vervanging voor informatiebeheer, maar wel een nuttige governanceknop.

Praktijkvoorbeeld

Een zorginstelling heeft zowel een centrale HR-site als oude afdelingssites met personeelsinformatie. De beheerder markeert de centrale HR-site als authoritative. Vraagt een medewerker naar het verlofbeleid, dan krijgt de actuele centrale bron voorrang.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 561323

12. Teams meetings als referentie in Copilot Notebooks

Wat is het?

Gebruikers kunnen Teams-vergaderingen toevoegen als bron in Copilot Notebooks. De vergadering wordt dan context voor vragen, samenvattingen en vervolgacties.

Hoe werkt het?

Een meeting kan transcript, notities, chatberichten en gedeelde bestanden bevatten. Door de meeting als referentie toe te voegen aan een notebook, kan Copilot die informatie gebruiken binnen die notebook.

Je kunt daarna vragen stellen zoals: “Welke besluiten zijn in de projectmeetings genomen?” of “Welke actiepunten staan nog open?”

Waarom is dit interessant?

Projectkennis zit vaak verspreid over meerdere vergaderingen. Als niemand alles netjes samenvat, verdwijnt die kennis in transcripten en chatberichten.

Copilot Notebooks kunnen helpen om die informatie beter te hergebruiken. Niet als vervanging van goede projectafspraken, maar wel als hulpmiddel om terug te vinden wat eerder besproken is.

Praktijkvoorbeeld

Een projectmanager voegt de meetings van de afgelopen maanden toe aan een projectnotebook. Daarna vraagt ze Copilot om alle openstaande actiepunten uit die meetings te verzamelen. Dat scheelt veel handmatig zoeken in transcripten.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 560706

13. Planner Agent Chat

Copilot in Microsoft Planner met suggesties voor taken en planning

Wat is het?

Planner krijgt een AI-agent waarmee gebruikers in gewone taal over taken kunnen praten en taken kunnen beheren.

Hoe werkt het?

Gebruikers kunnen vragen stellen zoals: “Welke taken heb ik deze week?” of “Maak een taak aan voor het reviewen van het jaarverslag en zet de deadline op vrijdag.”

De agent gebruikt de context van het plan en kan taken aanmaken, bijwerken, toewijzen of prioriteren. Ook kan de agent helpen bij het vinden van taken die aandacht nodig hebben.

Waarom is dit interessant?

Taakbeheer strandt vaak niet op techniek, maar op discipline. Mensen vergeten taken bij te werken of vinden het te veel klikwerk.

Een chatinterface kan de drempel verlagen. Zeker op mobiel kan dit handig zijn, zolang duidelijk blijft wat de agent precies aanpast.

Praktijkvoorbeeld

Een projectleider opent Planner op zijn telefoon en vraagt: “Welke taken voor de fundering zijn al meer dan een week niet bijgewerkt?” De agent toont de taken en de betrokken personen. De projectleider kan direct een herinnering sturen of een deadline aanpassen.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 560532

14. Copilot Chat begrijpt afbeeldingen in bestanden

Wat is het?

Copilot Chat kan afbeeldingen in Word-, PowerPoint- en PDF-bestanden meenemen bij het beantwoorden van vragen.

Hoe werkt het?

Tot nu toe keek Copilot vooral naar tekst in documenten. Met deze update kan Copilot ook ingebedde visuals interpreteren, zoals grafieken, diagrammen, schema’s en screenshots.

Vraag je naar de belangrijkste conclusie in een rapport, dan kan Copilot dus ook informatie uit een grafiek gebruiken en niet alleen de begeleidende tekst.

Waarom is dit interessant?

In veel documenten staat de kern juist in de visual. Denk aan dashboards, jaarverslagen, procesdiagrammen of presentaties. Als Copilot die informatie mist, krijg je een onvolledig antwoord.

Deze update maakt documentanalyse praktischer, vooral voor rapporten en presentaties met veel visuele informatie.

Praktijkvoorbeeld

Een financieel analist vraagt Copilot welke productlijn de sterkste groei laat zien in een kwartaalrapport. Copilot kijkt niet alleen naar de tekst, maar ook naar de grafieken in het rapport en gebruikt die informatie in het antwoord.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 560540

15. Gebruiksrapportage voor Copilot Connectors

Wat is het?

Het Microsoft 365-beheercentrum krijgt een gebruiksrapport voor Copilot Connectors. Beheerders kunnen daarmee zien hoe connectors worden gebruikt.

Hoe werkt het?

Het rapport laat onder meer zien welke connectors actief zijn, hoe vaak ze worden gebruikt en of er problemen optreden. Daarmee kun je beter beoordelen of een connector nog waarde toevoegt.

Dit is handig bij connectoren naar CRM-systemen, kennisbanken, ticketsystemen of externe databronnen.

Waarom is dit interessant?

Veel organisaties bouwen of activeren connectors, maar kijken daarna niet altijd of ze ook echt gebruikt worden. Zonder gebruiksdata is het lastig om te bepalen of beheer en kosten gerechtvaardigd zijn.

Met dit rapport kun je opruimen, verbeteren of juist investeren in connectors die veel waarde leveren.

Praktijkvoorbeeld

Een IT-manager heeft drie Copilot Connectors ingericht: CRM, webshopdata en externe marktdata. Na drie maanden blijkt dat de marktdata-connector nauwelijks wordt gebruikt. De manager schakelt die uit en steekt de tijd in het verbeteren van de CRM-connector.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 519571

16. Meer agent support in Copilot Notebooks

Wat is het?

Copilot Notebooks krijgt ondersteuning voor gespecialiseerde agents, zoals een Analyst-agent of Designer-agent.

Hoe werkt het?

In plaats van alleen de algemene Copilot te gebruiken, kun je een agent kiezen die beter past bij de taak. De Analyst-agent is bedoeld voor analyse, berekeningen en visualisaties. De Designer-agent helpt bij visuele uitwerkingen, bijvoorbeeld afbeeldingen, diagrammen of slides.

De context van de notebook blijft daarbij beschikbaar, zodat de agent werkt met de bronnen die je al hebt verzameld.

Waarom is dit interessant?

Niet iedere vraag vraagt om dezelfde soort AI-hulp. Een analysevraag is iets anders dan een ontwerpvraag. Door agents te specialiseren, kan de output beter aansluiten op wat je nodig hebt.

Voor gebruikers wordt het vooral belangrijk om te leren wanneer je welke agent kiest.

Praktijkvoorbeeld

Een BI-medewerker verzamelt churn-data en rapporten in een notebook. Eerst gebruikt ze de Analyst-agent om patronen te vinden en grafieken te maken. Daarna gebruikt ze de Designer-agent om de resultaten om te zetten naar slides voor het management.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 516041

17. Content Sources kiezen in Copilot Chat

Wat is het?

Gebruikers kunnen in Copilot Chat selecteren welke contentbronnen Copilot mag gebruiken voor een antwoord.

Hoe werkt het?

Normaal zoekt Copilot breed in bronnen zoals e-mail, documenten, SharePoint-sites en Teams-gesprekken. Met Content Sources kun je die scope beperken.

Je kunt bijvoorbeeld alleen een specifieke SharePoint-site gebruiken, of juist e-mail uitsluiten voor een bepaalde vraag. De bronkeuze geldt per gesprek of vraag, afhankelijk van hoe Microsoft dit in de interface beschikbaar maakt.

Waarom is dit interessant?

Meer context is niet altijd beter. Soms levert een brede zoekopdracht vooral ruis op. Door bronnen te kiezen, krijg je gerichtere antwoorden en meer controle over waar Copilot zich op baseert.

Dit helpt ook bij vertrouwen. Gebruikers zien beter welke data wordt gebruikt en kunnen bewuster omgaan met gevoelige informatie.

Praktijkvoorbeeld

Een inkoper wil antwoord op een vraag over de inkoopstrategie. Ze selecteert alleen de SharePoint-site van inkoop en de relevante Teams-kanalen. Copilot gebruikt daardoor de officiële documenten en discussies, zonder allerlei losse e-mails van andere onderwerpen mee te nemen.

Meer informatie

Microsoft 365 Roadmap, ID 496596

Tot slot

De rode draad van deze maand is duidelijk: Copilot schuift steeds verder richting processen, agents en governance. De losse chat blijft bestaan, maar de meeste waarde ontstaat wanneer Copilot de juiste bronnen, rechten en tools krijgt.

Voor organisaties betekent dat vooral: begin niet bij de nieuwste knop, maar bij je informatiehuishouding. Zijn je SharePoint-sites op orde? Kloppen je rechten? Weet je welke bronnen officieel zijn? En heb je zicht op wat gebruikers en agents straks mogen doen?

Als die basis niet klopt, versnelt AI vooral de rommel. Als die basis wel klopt, worden deze updates een stuk interessanter.

Dit overzicht is gebaseerd op de Microsoft 365 Roadmap. Functies kunnen nog wijzigen en beschikbaarheid kan verschillen per regio, tenant en licentievorm. Controleer daarom altijd de actuele status in de officiële roadmap voordat je plannen maakt.

Gepubliceerd inAICopilotMaandblogMicrosoft 365Microsoft TeamsProductiviteitSharePoint

Wees de eerste om te reageren

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *